Het Opbouwwerk start altijd bij aanwezigheid in de buurt: de leefwereld van bewoners.

Hierdoor bereikt het bewoners en brengt hen, zowel individueel als in een groep, in beweging. Vanuit nabijheid in hun eigen buurt vergroot het Opbouwwerk de zelf-, en samenredzaamheid van bewoners. Ook van kwetsbare groepen zoals mensen met een beperking, mensen in een isolement, bewoners in een sociaal-economische zwakkere positie, ouderen, buurtbewoners in conflictsituatie, mensen met verhoogde gezondheidsrisico’s enzovoort.

De vraag, of de vraag achter de vraag, en wat de bewoner zelf aan capaciteiten heeft, is leidend voor het Opbouwwerk. Dit bepaalt de aanpak en het (sociale) netwerk dat nodig is. Gezondheid, opvoeden, duurzaamheid, samenleven, armoede en schulden zijn thema’s die actueel zijn. Maar ook fysieke ingrepen kunnen een aanleiding geven om bewoners samen te brengen en te werken aan sociale cohesie. Vanuit een onafhankelijke positie (er is geen vervolgbelang) biedt het Opbouwwerk begeleiding in processen.

De doelen op een rijtje:

  1. vergroten van het 'iedereen doet mee' principe;
  2. faciliteren kansgerichte initiatieven (van probleemgericht naar kansgericht);
  3. weten wat er leeft in de wereld van bewoners;
  4. direct erop af daar waar nodig;
  5. kloof dichten tussen de systeem- en leefwereld;
  6. vergroting van netwerken, ketens en de kracht van de stad;
  7. vergroten samenredzaamheid van bewoners, maar ook van instanties en bestuur.